zondag 6 april 2008

Met Hells Angels naar Kaapstad


Met Hells Angels naar Kaapstad

“One good fist is worth a thousand words”, staat op het t-shirt van de Hells Angel naast me in het vliegtuig naar Kaapstad. En hij is niet alleen. Voor ons, achter ons, naast ons: dikke koppen met stekelhaar, getatoeëerde armen, oorbellen, kettingen en horloges als slagschepen. Ze kunnen het goed met elkaar vinden. Ieder bladert een half uurtje in een Penthouse en geeft hem dan weer door aan zijn maatje voor, naast of achter hem. Zoals ze ook kauwgom doorgeven en klappen op elkaars schouders.

Ik lees toevallig een citaat van Martin Bril: “In de wereld van de domheid staat op benul een straf, die meestal uit een ongecoordineerde scheldpartij of een klap voor je kanis bestaat.”

Misschien moet ik ze niet meteen dom vinden. Al hebben ze vuisten als mokers, ze kunnen ook als een kind zo blij zijn als ze Led Zappelin op hun vliegtuigkoptelefoon horen, en onhandig, als ze, net als ik, hun vliegtuigmaaltijd zonder morsen naar binnen proberen te krijgen, en aandoenlijk, als ze voor het slapen hun vliegtuigdeken om zich heen slaan.

Er zit toch ook een easy-rider kantje aan ze. En opkomen voor het bedreigde leven, misschien. Ik herinner me hoe ze voor het podium stonden bij een concert van de Rolling Stones in Den Haag. Er mocht niet weer iemand dood gedrukt worden tijdens zo’n concert. Daar zouden zij wel voor zorgen. En ik ben toen veilig thuisgekomen.

Maar als mijn buurman de hele nacht zijn koptelefoon op zijn kale kop met muziek op volle sterkte heeft staan, en de tv zijn gezicht blijft verlichten, en hij ook nog door zijn eigen schreeuwende horlogewekker blijft snurken, dan word ik minder mild gestemd. Dat wordt nog minder als ze na de landing hun bespijkerde zwartleren jacks aantrekken en terwijl ze hun bagage uit het rek halen hun zonnenbrillen opzetten.

Toch vraag ik wat ze gaan doen.
“Stukkie rijden”, zegt mijn buurman.

Met een rolkoffertje loopt hij door de smalle vliegtuiggang. Bij de douane stamelt hij: “Ik weet niet hoe het heet waar ik heen ga”. “Kamperen zeker”, zegt de douanevrouw, “met die andere motorrijders.” Want zij weet intussen wel dat er een groot internationale Hells Angels bijeenkomst is in Kaapstad. Het vliegtuig zat er vol mee.

Een dag later op een terras bij Camps Bay, zien we weer een stel. En daar heb je de man van de sterke vuist ook weer. Met twee andere Angels stapt hij in net zo’n kleine Opel Corsa als wij hebben gehuurd. Dat wel. Maar hij trekt weer geen bedelaars aan.

Geen opmerkingen: